Warning: Parameter 2 to qtranxf_postsFilter() expected to be a reference, value given in /home/inkoopin/public_html/wp-includes/class-wp-hook.php on line 287
Implementatieproces en pay-for-performance in de gezondheidszorg -

Implementatieproces en pay-for-performance in de gezondheidszorg

Deze review bevat een opsomming van bevindingen met betrekking tot het implementeren van een pay-for-performance programma. Hierbij wordt gebruikt gemaakt van literatuur en sleutelinformanten. Er wordt een uiteenzetting gegeven van de relatie tussen de volgende implementatiefactoren: implementatie processen, eigenschappen van de interne en externe omgeving en karakteristieken van de aanbieders. Deze review geeft hierbij geen praktische uitleg.


Programma’s voor financiële prikkels zijn complex en variëren enorm in de implementatie. Zo verschilt het soort prikkel, het aantal prikkels, op wie de prikkel gericht is, maar ook of de prikkels in de vorm van een beloning of een sanctie is. Daarnaast hangt de complexiteit van de implementatie ook samen met de context. De positieve en negatieve effecten van elk Pay-for-Performance (P4P) programma hangt naar verwachtingsamen met al deze factoren. Deze paper rapporteert de resultaten van een systematische review en interviews met sleutelpersonen gericht op hoe de implementatie het effect van een P4P programma beïnvloed.

In deze systematische review zijn enkel studies opgenomen die direct gingen over P4P in de gezondheidszorg. Zowel op individueel, groep, management en institutioneel niveau. Studies gericht op prikkels voor de patiënt en andere betalingsmodellen zijn geëxcludeerd. Omdat het een groot aantal studies betreft is de Newcastle-Ottawa Quality Assessment Scale gebruikt om de kwaliteit van de studie te meten. De sleutelinformanten waren ervaren P4P onderzoekers die inzicht gaven in problemen gerelateerd aan de implementatie van P4P en de onbedoelde gevolgen.

Eigenschappen van het programma ontwerp
Gerelateerd aan de ontwikkeling van maatstaven vond een studie dat nadruk op klinische kwaliteit en de patiënt ervaring de communicatie en coördinatie van zorg verbeterde. Maatstaven over productiviteit en effectiviteit hadden hier juist een negatief effect op. Een onderzoek onder managers naar de verwachte effectiviteit van P4P liet zien dat communicatie over de doelstelling en een overeenstemming tussen individuele doelen en organisatiedoelen de verwachting verhoogde. Een andere studie vond dat managers het idee hebben dat P4P programma’s de focus van de specialist op de kwaliteit van zorg verhoogde.

Gerelateerd aan de structuur van de prikkels bleek uit een studie dat de grootte van een prikkel geen relatie had met het wel of niet meedoen aan een P4P programma. Dat er überhaupt een beloning beloofd werd had wel een positieve relatie met deelname. Een andere studie vond ook dat de voorziene financiële effecten gerelateerd waren aan een hogere prestatie. Daarnaast heeft de onderliggende betalingsstructuur effect op de prestatie. Wanneer de mate van cost-sharing beperkt is, dient de financiële prikkel te worden vergroot.

De sleutelinformanten benadrukken dat de maatstaven binnen P4P programma’s een combinatie moeten bevatten van proces- en patiëntuitkomsten. Daarnaast dienen de maatstaven ook in lijn te zijn met de doelen van de organisatie, haalbaar en gerelateerd aan klinische uitkomsten. De sleutelinformanten adviseren dat daarnaast de prikkels groot genoeg moeten zijn om uitvoerders te motiveren. Zij suggeren dat sancties soms effectiever zijn dan beloningen en dat prikkels gericht op het team het professionalisme verhoogd. De betaling dient tevens frequent genoeg plaats te vinden om het effect te versterken.

Het implementatieproces
Studies wezen uit dat ongeacht of een maatstaf geprikkeld werd of niet, de maatstaf stabiel bleef over de implementatie periode. De kwaliteit nam niet af wanneer de prikkel werd weggehaald of veranderd.

De sleutelinformanten vonden ook dat maatstaven regelmatig beschouwd en eventueel herzien dienen te worden. Daarnaast dient het implementatieproces transparant te zijn en middelen te bieden om informatie aan het meten van klinische uitkomsten te kunnen binden. Ook een bottom-up benadering samen met regelmatige feedback wordt aanbevolen.

Externe omgeving
Studies vonden geen duidelijk verband tussen de P4P factoren en de regio, bevolkingsdichtheid en patiëntenpopulatie.

Sleutelinformanten benadrukten wel dat het belangrijk is de patiëntenpopulatie in acht te nemen bij het ontwikkelen van een P4P programma. De doelen dienen namelijk realistisch te zijn en de behoeften van die specifieke patiëntenpopulatie te dienen.

Interne omgeving
Studies gaven tegenstrijdige resultaten met betrekking tot het effect van P4P programma’s en het type organisatie, patiënten volume en onafhankelijke en groepspraktijken. Studies uit de Verenigde Staten lieten zien dat factoren waar een kwaliteitsverbetering zichtbaar was samen gingen met interventies om de cultuur te veranderen en de inzet van klinische hulpmiddelen.

De sleutelinformanten benadrukten dat P4P slechts een onderdeel is van een groter kwaliteitverbeteringsprogramma, waar andere belangrijke factoren in zitten zoals infrastructuur, informatietechnologie, elektronische patiëntendossiers, organisatiecultuur, het toedelen van middelen om P4P te meten en publieke rapportage. Publieke rapportage werd als een sterke motivator gezien, met name bij ziekenhuis managers, maar ook bij individuele aanbieders die in een systeem opereren waar kwaliteitsindicatoren publiek gemaakt worden.

Kenmerken van de aanbieder
Studies vonden geen sterk effect tussen de karakteristieken van de aanbieders (geslacht, leeftijd, etc.) en het resultaat van P4P programma’s.

De heterogeniteit in zorgsystemen, organisaties en uitdagingen gerelateerd aan P4P maken het niet mogelijk om conclusies te trekken die breed ingezet kunnen worden. Bepaalde onderwerpen die de sleutelinformanten benadrukten komen echter wel overeen met de literatuur. Ten eerste dienen maatstaven gericht te zijn op proces- en klinische uitkomsten. Dit zal namelijk naar verwachting leiden tot een meer positieve verandering dan programma’s die gericht zijn op effectiviteit of productiviteit. Daarnaast dienen maatstaven transparant en evidence-based te zijn. Ten tweede dienen prikkels rekening te houden met verschillende factoren zoals: grootte, frequentie en doel. Ze moeten groot genoeg zijn om te motiveren, maar niet zo groot dat het resultaat niet meer kosteneffectief is. Daarnaast dienen maatstaven in overeenstemming te zijn met de doelen en behoefte van de organisatie en de patiëntenpopulatie. Ten derde, P4P programma’s dienen flexibel te zijn over tijd om te kunnen reageren op de data en input. Tot slot dienen P4P programma’s gebieden te betreffen die onderpresteren. Wanneer deze op niveau presteren kan het programma gestopt worden. Uit diverse onderzoeken blijkt namelijk dat het effect niet afneemt wanneer gestopt wordt met het programma.

 

Volledige referentie: Kondo, K. K., Damberg, C. L., Mendelson, A., Motu’apuaka, M., Freeman, M., O’Neil, M., Relevo, R., Low, A. & Kansagara, D. (2016). Implementation Processes and Pay for Performance in Healthcare: A Systematic Review, Journal of General Internal Medicine, 31(1), 61-69. doi:10.1007/s11606-015-3567-0.

Klik hier voor het volledige artikel

Facebooktwitterlinkedinmail

Leave A Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.